Problemen bij het geven van borstvoeding

Weigeren van de borst

Door binnen een uur na de bevalling de baby aan te leggen maak je optimaal gebruik van de reflexen van je baby. Alle zintuigen van je baby staan open en de meeste baby's weten instinctief de borst te vinden en op de goede manier aan te happen. Als je baby (even) bij je weg gehaald wordt, wordt dit proces verstoord (maar soms kan het niet anders!) en kan het aan de borst gaan wat moeilijker zijn. Probeer dan, zodra het wel mogelijk is, dit  moment na te bootsen en neem er alsnog de tijd voor. Natuurlijk zijn er ook baby's die het drinken aan de borst in het begin niet zo goed snappen. Ze nemen wel de borst in de mond maar gaan niet krachtig zuigen.
Oorzaken van het weigeren van de borst:

  • Ingetrokken tepels: als je heel platte of zelfs ingetrokken tepels hebt kan het moeilijker zijn voor de baby om de tepel goed te pakken. Zorg ervoor dat je baby goed kan oefenen op een soepele borst en vorm je borst daarbij goed, zodat je baby toch vrij gemakkelijk een hele grote hap borst in de mond kan nemen. Even voorkolven kan ook helpen.
  • Aangewend zuiggedrag: in de baarmoeder zuigen baby's op hun handje, voetje of duim. Sommige baby's zuigen op hun tong. Hierdoor kan een baby moeite hebben om te snappen wat hij met de borst aan moet. Ze happen wel maar wringen hun tong naar voren en boven waardoor de tepel uit de mond wordt geduwd en vervolgens gaat de baby heftig op zijn tong zuigen. Anderen doen de tong omhoog, tegen het gehemelte aan, in plaats van naar beneden over de onderkaak heen, hierdoor is het onmogelijk om de borst in de mond te nemen.
  • Bijvoeden met de fles. Het drinken uit de fles vraagt een heel andere techniek dan het drinken aan de borst. Uit een fles komt de voeding bijna vanzelf, de baby hoeft er niet krachtig voor te zuigen en de melk komt meteen met een constante snelheid. Sommige baby's snappen aan de borst dan niet meer goed dat ze een toeschietreflex moeten opwekken, ze zijn al gewend dat uit de fles de melk meteen komt...
  • De manier van aanleggen is ook een veelvoorkomende oorzaak voor borst weigeren. Als je te veel druk gebruikt om je baby te laten aanhappen (bijvoorbeeld tegen het achterhoofd van de baby drukt om hem aan de borst te leggen zal de baby reflexmatig het hoofd naar achteren bewegen). Ook het aanraken van de wangetjes, neus en kin tijdens het aanleggen verstoren de hapreflex die de baby heeft als je zachtjes met de tepel over zijn lipjes wrijft. Ook het aaien over een wangetje tijdens het drinken kan er voor zorgen dat een baby de borst weer loslaat. Als de baby niet lekker ligt kan dit ook een reden zijn om te stoppen met drinken.
  • Moeizame bevalling. Als er tijdens de bevalling gebruik is gemaakt van pijnstilling of narcose kan de baby moeite hebben met het aanpakken van de borst. Via de placenta krijgt de baby immers wat verdoving binnen waardoor hij wat suf kan zijn en de reflexen niet optimaal werken. Ook een heel snelle of juist langdurige bevalling, of een kunstverlossing, kan een negatieve invloed hebben op het drinken aan de borst.
  • De eerste dag na de geboorte zijn veel baby's wat misselijk door het vruchtwater en bloed wat ze tijdens de bevalling hebben binnen gekregen. Het kan zijn dat de baby hierdoor niet wil drinken.

Wat kun je doen als je baby de borst weigert:

  • Bied je baby veel huidcontact. We weten dat een baby enorm gestimuleerd wordt door huidcontact. Leg je baby in de buurt van de borst en als hij zoekgedrag vertoont kun je hem zachtjes naar de borst begeleiden. Door je borst goed te vormen kan hij gemakkelijker een grote hap in de mond nemen.
  • Laat je baby kort op je pink zuigen. De pink breng je in het mondje tot aan de overgang van het harde naar het zachte gehemelte, de nagel naar beneden op de tong. Dan rustig de pink omdraaien zodat de top op de tong van de baby rust. Als de baby goed zuigt trek je je pink langzaam naar buiten waarbij je zachte druk op de tong uitoefent en heel duidelijk "open" zegt.
  • Doe voor wat de baby moet doen. Dus ga je aanleggen doe dan zelf ook je eigen mond open en steek je tong over je onderlip naar buiten steken. Zo kan de baby jouw voorbeeld volgen.
  • Als je baby de eerste dag niet wil aanhappen, ga dan kolven (dit kan ook met de hand), hierdoor stimuleer je het op gang komen van de voeding.
  • Als je voeding hebt afgekolfd biedt deze dan aan op een borstvoedingsvriendelijke manier. Dit kan bijvoorbeeld met een klein bekertje/borrelglaasje (cupje) met gladde rand. Houd je baby half rechtop en zet het bekertje van mondhoek tot mondhoek op de onderlip, laat de voeding net de bovenlip raken. Je baby voelt de voeding tegen het lipje en zal als een poesje het bekertje leeglikken. Het cupje houd je op dezelfde plaats, zo dat de voeding net het lipje raakt. Als je baby gaat knoeien, houd je het bekertje te schuin. Je kunt de bijvoeding ook geven met een spuitje met een sonde eraan. De sonde leg je naast je middelvinger, op die vinger laat je je baby zuigen en zo zuigt hij tegelijk het spuitje leeg. Als dat nog te veel kracht kost dan kun je voorzichtig bijspuiten.
  • Bij erge stuwing kun je wat spanning van de borsten halen door wat te kolven, dit maakt het aanpakken voor de baby makkelijker.
  • Kies voor een vaste volgorde bij iedere voeding. Ga geen uren zitten tobben. Probeer te voorkomen dat je baby erg hongerig is, een hongerige baby heeft geen "zin" in oefenen met goed aanhappen, die wil eten en wel direct! Reageer daarom direct op voedingssignalen. Als je baby toch erg hongerig is zal het (leren) aanleggen moeilijker gaan. Begin daarom eerst met afkolven, biedt de afgekolfde melk aan via een bekertje/cupje of spuitje en als de ergste honger gestild is ga je de baby aanleggen aan de borst.
Alle onderwerpen - problemen borstvoeding

Overzicht onderwerpen

Teveel melk tijdens de borstvoeding is lastiger dan het lijkt

Zowel moeder als kind kunnen hier behoorlijk last van hebben.
In het begin maken vrijwel alle moeders meer melk dan hun baby nodig heeft. Na een aantal weken is de productie meestal in evenwicht gekomen met wat de baby nodig heeft. Soms is er extra aandacht nodig voordat een evenwicht wordt bereikt.
Een heftige toeschietreflex
Soms denk je dat je teveel melk maakt maar blijkt het met de productie nog wel wat mee te vallen. De toeschietreflex kan heftig zijn zodat je baby niet weet waar hij/zij de melk moet laten. De baby laat (huilend) los, melk lekt uit het mondje of je baby probeert de melkstroom bij te benen: “slikken of stikken” en kan het drinken en ademhalen niet meer coördineren. Zo wordt voeden soms vechten tegen de borst of beter de melkstroom.
Als je te maken hebt met een heftige toeschietreflex kun je, zodra de melk begint te stromen en je merkt dat je baby niet in een rustig tempo meer kan drinken, je baby van de borst halen (vergeet niet het vacuüm te verbreken). Zodra de melk in een rustiger tempo komt (soms zie je dat de melk niet meer uit je borst spuit, komt de melk niet spontaan uit je borst dan wacht een minuutje af) en leg je je baby opnieuw aan de borst. Je baby kan weer in een rustiger tempo drinken, slikt minder lucht in (=minder boeren en krampen) en komt beter toe aan zijn/haar zuigbehoefte. Wat ook helpt is het voeden tegen de zwaartekracht in: jij ligt op je rug en je baby ligt op de buik op jouw buik, zo kan er gedronken worden terwijl de melk omhoog moet stromen en daardoor minder hard stroomt.

Hoe herken je teveel melk bij het borstvoeding?

Als er sprake is van een overproductie zie je vaak dat je na de voeding nog volle of zelfs gestuwde borsten hebt. Je blijft maar lekken tussen de voedingen door en je hebt vaak last van verstopte melkkanaaltjes of zelfs borstontstekingen.
Wat je aan je baby merkt is dat hij/zij onrustig drinkt, veel loslaat en/of zich verslikt omdat de melk zo hard stroomt. Je baby spuugt mogelijk veel, is ontevreden na de voeding, heeft krampen, plast heel veel en kan groenige schuimende ontlasting hebben. Wat betreft de groei kan je baby juist heel veel gegroeid zijn of juist onvoldoende.

Wat te doen bij teveel borstvoeding?

Als je teveel melk aanmaakt helpt het vaak al als je 1 borst per voeding geeft. De andere borst krijgt rust tot de volgende voeding en wordt dan pas weer gestimuleerd. Deze borst zal dan tijdelijk extra vol aanvoelen, door de volheid wordt de productie geremd. (Je kunt eventueel tijdens het voeden de bh-cup van de borst die niet aangeboden wordt losmaken en toegeschoten melk weg laten stromen: je stimuleert niet extra maar raakt toch even wat spanning kwijt.) Veel baby’s nemen een pauze tijdens de voeding. Soms gebruik je die tijd om even te verschonen, te laten boeren. Er zijn ook baby’s die even gaan slapen en na een klein half uurtje toch nog even verder willen drinken. Dit is volkomen normaal. Als je baby zo’n pauze neemt tijdens een voeding, biedt dan nog een keer dezelfde borst aan. Waarschijnlijk merk je dat na een aantal dagen dat de voedingen rustiger gaan verlopen en dat de over volheid in je borsten afneemt.
Soms helpt het voeden met 1 borst per voeding nog niet voldoende en is er nog steeds sprake van overproductie. Je kunt dan overgaan op blokvoeden: gedurende een aantal uren (blok) biedt je steeds dezelfde borst aan als je baby wil drinken. Pas als dit aantal uren voorbij is, wissel je van borst en biedt je vervolgens deze borst een aantal uren aan. Het is aan te raden om het blokvoeden onder begeleiding van een lactatiekundige te doen en in overleg te bepalen hoe lang bij jou een blok mag/kan duren.
In enkele gevallen is de overproductie zo overmatig groot dat het nodig is om de borsten een keer helemaal leeg te kolven. De baby kan daarna aan de (lege) borst(en) drinken. Daarna wordt ook gevoed in blokken. Als de borsten weer erg gestuwd dreigen te raken (en de baby tijdens en na de voeding steeds onrustiger wordt) kan weer opnieuw helemaal leeg gekolfd worden. De tijd tussen de kolfbeurten wordt steeds langer tot het kolven achterwege kan blijven. Dit is echt een situatie waarbij je je door een lactatiekundige laat begeleiden.
Kolven bij overmatige melkproductie
Bij een overmatige productie willen we de borsten liever niet extra stimuleren. Kolven is eigenlijk extra stimuleren. Hier zijn we in principe dan ook erg terughoudend mee.
Bij een flinke overproductie is het leegkolven soms echter noodzakelijk om de borsten te “resetten” en om met een “schone lei” te kunnen beginnen. Het kolven past dan bij de behandeling van de zeer overmatige melkproductie.
Schakel een lactatiekundige in als jij en je baby last blijven houden van overproductie!
Voor een lactatiekundige in je omgeving kijk je op:
https://www.nvlborstvoeding.nl/locaties/

Borstvoeding en pijn

Doet borstvoeding geven pijn? Hier zijn verschillende oorzaken voor. Lees hier alles over in ons uitgebreide artikel over Borstvoeding en pijn. In dit artikel kun je lezen over:

Lekker en gezond eten tijdens je zwangerschap.
Niet alleen voor jezelf, ook voor je nog ongeboren kindje.

Met een zelfverzekerd gevoel bevallen?
In deze cursussen antwoorden op al jouw vragen.

Leer alle signalen van je baby kennen.
Én hoe je hier het beste op kunt reageren.

Gerelateerde berichten
huilende baby
Regeldagen

Waarom huilt je baby ineens zoveel? Misschien is er sprake van de regeldagen. Je baby geeft aan dat hij meer Lees meer

Flesvoeding
Flesvoeding

Hoe bereid je flesvoeding veilig en kies je een goede fles/speen

Borstvoeding
Borstvoeding

Er is zoveel te vertellen over borstvoeding, lees onze artikelen

Borstvoeding
Borstvoeding in de kraamdagen

Borstvoeding moeten jij en je baby leren. Meestal vraagt het wat oefening.

Borstvoeding Kolven Hoe Doe Je Dat
Borstvoeding & kolven

Hoe kies je een goede kolf en wanneer start je met kolven?

Borstvoeding
Borstvoeding en pijn

Onze lactatiekundigen vertellen hoe pijn te voorkomen/genezen